MariaGoos-foto-Mieke-Meesen
werkdagboek deel 3, 5 augustus 2004
Vlak voor ik op vakantie ga, is er eindelijk even tijd om voor de website te schrijven. We waren gebleven bij de lezing van Cloaca op vrijdag 13 februari 2004 in Londen in The Old Vic Theatre.
Eind april kreeg ik het bericht dat de Old Vic Company, Cloaca inderdaad gaat doen in de regie van Kevin Spacey. Eind mei 2004 waren drie van de vier acteurs gekozen; Hugh Bonneville, Neil Pearson en Stephen Tompkinson. Eind juli 2004 is er de vierde acteur Adrian Lukis bijgekomen.

Eind mei belde de producent David Liddiment of de decorontwerper Robert Jones, Kevin Spacey en hij langs mochten komen om enkele grachtenappartementen te bekijken, ter inspiratie.
"Mijn God, ze komen naar Amsterdam! Wat willen ze precies, hoe moet ik dat doen? Uit eten of bij mij thuis? In de sloep door de grachten varen zou leuk zijn, maar Peter speelt die avond in Groningen. Ik wil de sloep niet varen, wie dan wel? En in welk hotel zouden ze willen? En hoe kom ik aan een paar interessante grachtenappartementen?"
Het was kortom een hele productie, maar het is geweldig voor elkaar gekomen. Goede vriend Johan Timmers had met zijn vriendin een geweldig diner bij mij thuis bereid. De eerste lezers van Cloaca zaten ook aan tafel: Wil van der Meer en Wivineke van Groningen.
Opeens stonden er vier vrienden van Roos, onze zestienjarige dochter, in de tuin. Vier achttienjarige slungels die 'de bal kwijt waren'. Twee van de vier jongens had ik nog nooit eerder bij mij thuis gezien. Met glanzende ogen staarden ze de serre in, waar Kevin een sigaretje zat te roken. Hij had de set up onmiddellijk door en was heel genereus. Liep de tuin in en maakte een praatje met ze. Aan tafel zat ik naast hem. Wivineke zei: "Het is zo leuk om te zien dat hij zo gek op je is". Soms heb ik dat gevoel ook, maar soms ook helemaal niet. Het is een tamelijk onpeilbare man.

Na het eten ging heel de club met Robert, David en Kevin op geleende fietsen naar de sloep die klaarlag bij het Tropenmuseum, met Otto, de barman uit de Smoeshaan, aan het stuur. Onderweg haalden we Remko, de vriend van Wil, op. Het was nog een beetje kil, dus er waren dekentjes. Niet alleen de drie Engelsen, maar ook wij waren die avond verliefd op de stad. Het was stil, en gelukkig hadden veel mensen de gordijnen open. Dan zijn de grachtenhuizen zo ontzettend mooi.
Op het IJ gebeurde waar ik bang voor was: onze boot hield er mee op. Dat we al een borrel gedronken hadden, was onze redding. Iedereen was een beetje baldadig geworden. Toen ik de peddels uit het voorondertje haalde, kwam er natuurlijk met veel kabaal eerst nog van allerlei andere troep de boor in gekwakt. Van onder zijn dekentje riep Kevin: "O my God, a new play is coming up, it's a comedy".
Otto belde met zijn buurman Tinus en onderwijl peddelden we naar de kant, waar eerst iedereen ging plassen. Toen vertrokken de gasten onder leiding van Johan, zijn vriendin Martine, Wil en Remko naar de Wallen. De boot was in een kwartiertje gerepareerd en we pikten de groep weer op voor Casa Rosso.

De volgende dag gingen we appartementen bekijken; David, Kevin, Robert en ik. Gelukkig had location scout en vriend René de la Rambelje alles goed voorbereid.
Het was wel grappig dat Kevin op terrasjes en zo wel herkend werd, maar dat niemand ook maar een spier vertrok; typisch Amsterdams. In Concerto hebben we wat ska-cd'tjes gekocht. Daarna gingen we naar een terras.

Kevin begon er steeds meer lol in te krijgen om mij met m'n slechte Engels te pesten. Als het maar eventueel mogelijk was verstond hij mij verkeerd en maakte daar grappen over. Ik moest er ook om lachen, maar David zat steeds gegeneerd voor zich uit te kijken. Kevin bemoeide zich niet met de vertaling, maar ging lekker in een boekje zitten bladeren. Na een kwartier zei hij: "Are you having a good meeting over there?". Toen ik dit tegen Willem van de Sande Bakhuyzen vertelde, zei hij dat heel goed te herkennen. "Hij beschermt zich, wil niet al met de energie van David in het stuk stappen, terwijl ie nog met iets anders bezig is." Toen we afscheid namen zei ik een beetje streng tegen Kevin: "Take good care of the play". "I will", zei ie overtuigend. "I will."

Ergens in augustus komen ze nog een keer, maar dan met alle vier de acteurs en met de Russische actrice die Helena speelt. We zeggen nu steeds tegen elkaar wat Kevin zei toen we net het appartement van Robert Albertinghk Thym en Norbert ter Hall hadden bezocht en aan de Keizersgracht op een bankje zaten: "This place is so liveable".

De Engelse bezetting van Cloaca bezoekt Amsterdam. Hier staan we op het toneel van de Amsterdamse schouwburg. Zij wilden graag zien waar de oerversie van Cloaca in première is gegaan.
Van links naar rechts: Hugh Bonneville (Joep), Neil Pearson (Maarten), Kevin Spacey (regie: Engelse uitvoering van Cloaca). Achter Kevin staat Peter Blok (Nederlandse Tom), naast hem Adrian Lukis (Engelse Tom). Daarnaast sta ik en voor mij staat de Russische actrice Ingeborga Dapkunaite (de Russische call girl).

 

De Engelse en de Nederlandse Tom.

 

Kevin Spacey en Neil Pearson voor ons huis. We gaan op verzoek van Kevin naar het centrum op de fiets. Met hem hadden we al eerder door de stad gefietst. Hij vindt het fantastisch, maar de rest vindt dat fietsen eng en helemaal niks aan.

 

Kevin Spacey en Maria Goos, onderonsje op de Magere Brug bij Carré.

 

We zullen het zien. Ik kan niet afgaan op Kevin's kwaliteiten als regisseur, maar wel op die van hem als acteur. En als acteur bewonder ik hem om zijn gelaagdheid. Er zit altijd een mysterie onder wat ie speelt. En hij heeft gevoel voor humor.

Op 16 augustus beginnen de repetities. Rond 23 augustus ga ik naar Londen om eventuele vragen van de acteurs te beantwoorden. Dat lijkt me leuk, maar tegen het reizen in mijn eentje zie ik op. Zo gauw ik op een vliegveld ben, kan ik niet meer helder denken. Totaal overweldigd door de hoeveelheid tekst overal. En ik lees nooit dat, wat ik moet lezen. Dan raak ik in paniek en loop ik in het vliegtuig met mijn gate-nummer naar mijn stoel te zoeken. En zo.

Intussen is vanuit het buitenland veel belangstelling voor Cloaca. Hans Kik, mijn agent, heeft contact met Spanje, Italië, Polen, Israël, Zweden en Duitsland. De Italiaanse, de Spaanse en de Duitse vertalingen zijn inmiddels binnen.

 

Ik had een enorm haarstuk door m'n haar laten vlechten. Had haar tot midden op m'n rug.
Het was een heel bijzonder diner bij Elton John thuis. Nog steeds spijt dat ik Sting niet even heb bedankt voor zijn mooie muziek. Peter deed dat wel, heel kort en recht uit zijn hart. Was zo geweldig om te zien hoe Sting daar zo verrast en hartelijk op reageerde.
Nog hiervoor gebeurde er nog iets leuks. Ergens in mei, e-mailde David dat er de week erop een feest zou zijn bij Elton John thuis. Een jaarlijks terugkerende 'fundraising party' voor het aids-fonds. En of we wilden komen zitten aan de tafel van Old Vic? Nou, dat wilden we wel. Voor Peter moest er een rokkostuum gehuurd en voor mij moest er een lange jurk georganiseerd worden, want dat was de dress-code. Gelukkig kon Noor Zee, de vriendin van Hans, die jurk voor mij in elkaar zetten.
Gelnagels laten maken, haarstuk door mijn haar geweven, en we zagen er prachtig uit. Sting zat aan de tafel naast ons. Ik durfde hem niet aan te spreken, maar Peter wel. Hij zei: "Thank you for all your work." En dat vond Sting erg leuk.
We hebben de acteurs Neil Pearson (Maarten) en Stephen Tompkinson (Pieter) ontmoet. Het leuke is dat zij, net als de Nederlandse Cloaca-jongens, elkaar heel goed kennen. Ze hebben ook veel samengewerkt. Dat was onmiddellijk voelbaar. Ongelooflijk leuk om zoveel beroemde mensen bij elkaar te zien. Van Rod Stewart tot Kylie Minogue. Van Stephen Aldry tot Vivien Westwood. We hadden een fantastisch tripje.

Ondertussen heb ik SMOEDER afgeschreven. Dat is een lunchvertelling die 10 oktober in Bellevue in première gaat. Marcel Musters en ik vertellen over onze moeders en over de dood. Ik heb Marcel geïnterviewd als mijn moeder. En hij antwoordde als zijn moeder. En hij heeft veel verteld over het gezin waar hij uitkomt.
Begin juli hadden we een openbare lezing bij De Mug. Marcel en ik lazen voor Marjolein, Linda en Ton van het kantoor van De Mug en de gasten: Jeroen Willems, Ronald Klamer, Peter Blok, Frank Houtappels, Ton Schippers, Helen de Zwart en Michiel van Erp. Ik denk dat het wel mooi wordt. Dat zeiden de gasten tenminste. We moeten ervoor zorgen dat we niet gaan spelen. Niet gaan herhalen. Dat er elke voorstelling genoeg nieuwe dingen gebeuren. Het is heel erg vertrouwd en ontspannend om met Brabander Marcel te werken. Alsof we al voor de tiende keer een productie samen maken.

Deze week heb ik de laatste versie van de bioscoopfilm Leef! geschreven. De CV is al half vol en we durven nu wel te zeggen dat de film gemaakt gaat worden. "We zijn in productie", zei Anton Smit. In oktober begint de draaiperiode, vlak na de première van Cloaca in London op 28 september 2004.

Nu Even Niet en Nu Even Wel gaan er half september 2004 in Bellevue uit als avondvoorstelling. Ook al leuk.

Maar alles bij elkaar is het wel erg veel!
Ik doe daarom helemaal niets aan publiciteit. Zo blij dat ik in 2005 alleen maar een nieuw toneelstuk schrijf, want dit is fantastisch allemaal, maar ik heb deze zomer nog geen half uurtje op een stoel gezeten.

Morgen mag ik op vakantie. Heerlijk.
Tot later.

Maria Goos


Werkdagboek deel 2: 22 april 2004
Over het toneelstuk Cloaca in The Old Vic in Londen:

Het begon na het toneelstuk Familie. Toen hoorde ik voor het eerst mensen zeggen dat dat stuk naar het buitenland moest. En bij Cloaca werd het weer gezegd. En door mensen die vaak toneel zien in het buitenland. Maar ja… hoe pakke men dat aan. Geen idee. Ik ken ook niemand die weet hoe dat gaat. "Een agent zoeken in het buitenland", werd er gezegd. Maar ik dacht steeds maar aan wat ik een Amerikaanse producent 'es had horen zeggen: "Be good in your own country, they come and get you". Nou ja, ook een beetje laf om zo te denken natuurlijk, het ontslaat je van enig initiatief richting buitenland en dat kwam mij wel uit. "But they came and got me."

Frank de Jonge is de baas van IDTV. Hij is samen met Anton Smit lang actief geweest in het theater, beiden als producent. Ze hebben allebei een liefde voor theater, komen ook altijd op premières, terwijl ze bepaald geen premièrebeesten zijn. Frank dus zei ergens in augustus 2003 tegen mij: " Er komt een nieuwe Engelse grootaandeelhouder voor IDTV, dat is het televisiebedrijf Allthreemedia, en een van de managers daar is David Liddiment en die moet jij ontmoeten, want die man houdt van theater en probeert The Old Vic nieuw leven in te blazen en ik heb het gevoel dat het klikt tussen jullie". Een paar maanden later belde Frank weer. "David komt volgende week naar Amsterdam, hij heeft een druk schema, maar op dinsdag zouden jullie elkaar een uur kunnen ontmoeten". Ik begon een beetje te sputteren. "Wat moet ik dan tegen die man zeggen Frank, dat ik schrijver ben en dat ik het kan, nou, goeie schrijvers hebben ze in Engeland echt zelf wel, daar heeft die man echt geen behoefte aan". Ach, allemaal angst, natuurlijk, en Frank drukte het er door en de afspraak kwam er. Ik was Nu Even Wel aan het regisseren in Bellevue, dus om rustig te praten gingen we naar Americain. Ik heb daar een kwartiertje in de lobby gewacht en ik was eigenlijk wel opgelucht dat ik er niks aan kon doen dat de afspraak niet doorging, maar daar was ie. Lang, Elvis Costello bril, energieke tred, jaar of 45 ( later bleek 53) en een leren colbert aan. We gaven elkaar een hand en gingen zitten. Hij rookte en dat stelde me gerust. Hij heeft een verslaving. Van die gedachte kan soms iets geruststellends uitgaan. Hij begon te vertellen over The OId Vic, het beroemde Londense theater waar John Gielgud en Laurence Olivier artistiek leider zijn geweest. De laatste decennia was het erg bergafwaarts gegaan met The Old Vic. Het was niet eens meer een Productiehuis, slechts een 'receiving house.' En toen het nog erger werd en The Old Vic dreigde te gaan veranderen in een tapijthal, toen is er een klein pittig energiek, charmant heel erg rijk vrouwtje uit de Londense society opgestaan, haar naam is Sally Green en zij zei: "Dit moeten we niet laten gebeuren". Enfin… met heel veel privè-investeringen, met heel veel enthousiasme en met enorm veel liefde voor het gebouw en haar historie was het op dat moment dat wij elkaar spraken zover dat ze konden gaan produceren. Tussen neus en lippen door vertelde hij ook nog even dat ze, in de traditie van het theater weer een acteur als artistiek leider hadden; Kevin Spacey. Nou, toen heb ik wat verteld over Familie en over Cloaca. En daarna zijn we wat gaan drinken in de Smoeshaan waar ik David voorstelde aan Willem van de Sande Bakhuyzen.

Ik had ondertussen Cloaca gelukkig wel laten vertalen, door Paul Evans, en het was net af. David zei dat het lang kon duren voor ie zou reageren, druk en kerstmis en vakantie. Maar het duurde helemaal niet zo lang. Ik zat met de jongens van Nu Even Niet gezellig aan een biertje in de Smoeshaan toen mijn agent Hans Kik op 23 december belde en zei dat er een e-mail van David Liddiment binnen was gekomen. "Hij heeft het gelezen en volgens mij is ie heel erg enthousiast." Daarna ging het allemaal vrij snel. In januari kwam David bij mij thuis. Ik dacht eigenlijk dat dat nog een oriënterend gesprek zou zijn, maar we gingen tot op de details in op de vertaling. Gelukkig was Paul Evans er ook bij en later kwamen de spelers van Cloaca en Willem en Ronald Klamer van Het Toneel Speelt. Ik had drankjes en hapjes, ik dacht dat we een soort kennismaking zouden vieren, maar ook toen iedereen er was bleef David uiterst geconcentreerd op het stuk. Hij vroeg van alles over de voorstelling en over de achtergrond van de rollen en toen pas begon het tot me door te dringen dat het serieus was. Ik bedoel, echt serieus! Toen ben ik de weken daarop enorm intensief bezig geweest met de vertaling van Paul. Ik heb elk woord ondersteboven gedraaid en met een kamer vol boeken heb ik voor alles waar ik over twijfelde alternatieven aangeboden. Mijn Engels is helemaal niet goed, maar ik heb wel gevoel voor taal en het ritme van een dialoog. Vervolgens ben ik twee weken later naar Londen gegaan, om verder aan de vertaling te werken met David. Dat wil zeggen dat we op die dag uit alle alternatieve tekstinterpretaties en verwoordingen die ik had opgeschreven, een keuze hebben gemaakt. Het is geloof ik een zeer ongebruikelijke manier van vertalen maar het werkte geweldig en dat kwam vooral omdat Paul Evans zo totaal pretentieloos en zo weinig mogelijk geïnterpreteerd de vertaling had aangeleverd. Vaak 'speelde' David alle tekstmogelijkheden even voor me, gewoon aan tafel. Daardoor kon ik goed horen wat het beste klonk. Gelukkig kon ik meereizen met Anton Smit en Frank de Jonge die naar Allthreemedia moesten, want ik was nog nooit in Londen geweest. Aan het einde van de dag haalde zij mij weer op bij The Old Vic. David en ik zaten nog even aan de vertaling te werken, Anton en Frank lazen een krantje, en toen hoorde ik ineens naast me: "I would skip that out, all ten pages". Ik dacht: "geconcentreerd blijven, niet laten afleiden", dus ik bleef in m'n script kijken, tot iemand op mijn schouder tikte. Kevin. Gelukkig vroeg ie verder niks, hij maakte alleen maar een paar ijsbrekende grappen, en praatte in het algemeen, zo'n beetje tegen iedereen in de kamer. Daardoor kon ik rustig naar hem kijken. Na tien minuten zei ik: "We moeten gaan". Wat ook echt zo was, maar ik vond het niet erg. Toen gaf ie me een hand en zei: "I'm thrilled to read your play".

Anton en Frank waren op de gang, heel de terugreis trouwens, door het dolle. Maar ik dacht steeds dat Kevin niet had gezegd 'to direct your play' or 'to be in your play'. Hij had alleen maar gezegd dat ie het leuk vond om het te lezen. Kortom… ik was er niet helemaal gerust op. Maar een paar dagen later kondigde David aan dat er een reading van het stuk zou komen en dat er daarna besloten zou worden of ze het op het repertoire zouden zetten. En Kevin zou na die lezing ook besluiten of hij het zou regisseren. Nadat Peter Blok, David Liddiment, Kevin Spacey en ik op donderdag een uiterst gezellig dineetje hadden was er op vrijdag 13 februari de reading. Ik was misselijk van de zenuwen. In een repetitiezaal zaten vier zeer gerenommeerde theateracteurs en verder was er een klein publiek van betrokkenen. En gelukkig werd er heel erg veel gelachen, al vrij snel. Peter en ik waren erg onder de indruk van hoe deze acteurs de reading deden. Het was half lezen, half spelen. Ze waren allemaal erg goed voorbereid en maakten er echt een presentatie van. Toen Kevin een pauze inlaste kwamen er mensen naar me toe om me zachtjes te feliciteren. Het grappige was dat Cloaca in onze oren zo'n ontzettend Engels stuk was geworden. Met van die typische Engelse understatements, en van die typisch Engels emotioneel geblokkeerde karakters. Na de lezing applaudisseerden de vier acteurs langdurig, voor mij. Ik zag dat Peter geëmotioneerd raakte, maar ik nu es voor de verandering niet. Teveel adrenaline.

Enfin… Kevin en David vertrokken naar boven. Peter en ik spraken nog een half uurtje met de acteurs en toen we daarna naar boven gingen, zuchtte Kevin diep en zei tegen me: "Why couldn't you stay in Holland !". Toen zei David: "Tell them". Kevin liep naar het raam, draaide zich naar ons om en zei heel zacht: "I've just decided to do this play". En dat was dat. Officieel was het nog allemaal niet toegezegd. Maar Peter en ik gingen wel heel erg blij, of eigenlijk in een soort van shock, terug naar Amsterdam, waar onze vaste vrienden met onze dochters ons met champagne op het vliegveld stonden op de wachten.

In de tussentijd is David weer hier geweest en hebben we nog een dag aan de vertaling gewerkt. Ondertussen is ook besloten dat er niet nog een toneelschrijver aan de tekst gaat komen, zoals aanvankelijk de bedoeling was. Dit is het. Dit wordt het. Op 28 september is het première. Er wordt van mij verwacht dat ik intensief contact onderhoud met Kevin tijdens de repetitieperiode. Dat ben ik met Willem helemaal niet gewend, maar David staat erop. Ik voel mij erg thuis bij de mensen van The Old Vic en ik vond het geweldig om te lezen in een brief van Kevin dat dat volkomen wederzijds is.




Maria Goos


Werkdagboek deel 1, 11 april 2004
Gisteren heb ik het scenario voor de bioscoopfilm Leef! in definitieve versie geschreven.

De eerste versie is van 29 november 2002. We zijn nu vier versies verder. Het was te lang, in de vertelling te gecompliceerd en sommige dingen gebeurden wel erg plompverloren.

Tot mijn verrassing is de definitieve versie behoorlijk anders dan de voorafgaande versies. Alles is compacter en in zekere zin logischer gemaakt. Tegen dat 'logisch maken' heb ik me lang verzet. Maar doordat er zo lang, bijna een jaar, heeft gezeten tussen de derde en de definitieve versie kon ik het totaal onbevangen benaderen en was ik het binnen vijf bladzijden eens met de dramaturgische opmerkingen van Sandra Beerends van de NPS.

Dat was een jaar geleden echt niet zo. Hoe werkt dat dan, vraag ik me af. Waarom was ik het een jaar geleden pertinent oneens met wat ze zei en nu heel erg eens? Is dat alleen maar door de afstand die ik van mijn eigen werk heb ? Of zitten haar opmerkingen toch opgeslagen in m'n hoofd en lees ik daardoor met een speciaal oog ?

Ik weet het niet. In ieder geval ligt er nu een volwaardig scenario waar ik trots op ben. Maar oooooooh ! Wat was het moeilijk ! Het is een mooi lyrisch epos geworden. Verschillende lijnen, verschillende levens komen allemaal bij elkaar, blijken allemaal met elkaar te maken te hebben.

Aan het einde, de laatste dertig bladzijden, bleek het heel erg moeilijk om de afwikkeling te stroomlijnen. De ene plot leek de andere op te eten. Uiteindelijk, na een week van veel hoofdpijn, veel chagrijn en veel slapeloze nachten denk ik dat ik eruit ben gekomen. Peter Blok, m'n man, is de enige die het tot op dit moment gelezen heeft. En die was blij !

Ik hoop ontzettend dat deze film dit najaar gedraaid gaat worden. Ik hoop heel erg dat de cv volloopt.

Morgen begin ik aan SMOEDER. Dat is een theaterproject met Marcel Musters, die ik ten tijde van Oud Geld heb leren kennen. Hij speelde daar Erik Van Dijk.

We zijn altijd contact blijven houden en toen hij mij vorig jaar emailde dat hij met zijn vriend en met zijn moeder een tijd lang in een huis in Zeeland zat omdat zijn moeder stervende was, toen heb ik hem onmiddellijk en heel impertinent terug ge-emaild: "Alles opschrijven Marcel, alles goed onthouden, foto's maken van je ouderlijk huis, want we gaan er een voorstellling over maken."

En dat zijn we nu aan het doen. Zijn moeder was Tilburgse, de mijne was Bredase. Mijn moeder was gisteren negentien jaar dood. Marcel en ik eten een keer per week samen en dan praten we erover. Het wordt een lunchvertelling. We gaan vertellen, niet spelen.

In de derde week van september hebben we première in Bellevue. Dat is wel erg leuk. Marcel en ik staan dan 's middags in de Palonizaal. 's Avonds staat in de grote zaal Nu Even Niet, Nu Even Wel. ( Dat zijn twee lunchvoorstellingen die ik heb geschreven en geregisseerd en die nu als èèn avondvoorstelling gespeeld gaat worden.) Nog nooit zelf in een toneelstuk gestaan, maar ik heb ondertussen wel vaak verteld voor een volle zaal, over m'n vak. Zo heb ik de schroom overwonnen.

Sterker nog; ik ben heel goed gaan begrijpen wat acteurs er leuk aan vinden om op een toneel te staan. Als het goedgaat, als je voelt dat de mensen een heel erg leuke middag hebben, of avond, dan geeft dat een enorm geluksgevoel. Het is niet minder dan liefde, wat er dan heen en weer gaat, en daardoor durfde ik Marcel voor te stellen om samen iets te maken. We zijn dan gewoon Marcel en Maria, maar soms zijn we Mevrouw Musters en Mevrouw Goos.

Negentien jaar geleden, toen mijn moeder doodging, ben ik onmiddellijk over haar gaan schrijven, maandenlang.
Dat zijn vijf volle notitieblokken geworden. Ik heb ze nooit meer gelezen. Een paar weken geleden ben ik met Marcel naar de vliering gegaan en heb ik hem de notitieblokken gegeven.

Nummer èèn heeft hij nu uit. Maar ik hoef het allemaal niet te horen hoor, en ik wil er niet over nadenken. Waarom niet? Ik wil het gewoon niet. Maar het schijnt heel mooi te zijn. Nu hebben we besloten dat Marcel elke voorstelling een ander fragment zal voorlezen en dat ik dan met een discman op, naar een muziekje mag luisteren.

Dat lijkt me vreemd; dan heeft heel die zaal iets gehoord over mijn moeder en ik weet niet wat. Maar het is ook mooi want zo heb ik maandenlang rondgelopen, met een discman op m'n kop en een zonnebril op m'n neus. Alleen, en boos. Niet in staat tot contact. Alleen met Peter, af en toe. Nou… daar zal die voorstelling onder andere over gaan.

Ik heb een maand om hem te schrijven. Moet lukken. We hebben al zoveel materiaal. En daarna de nieuwe toneelvoorstelling voor Het Toneel Speelt. première in september 2005. Nou nou zeg, dat project gaat niet zonder slag of stoot. Ik wilde zo ontzettend graag een stuk schrijven in de stijl van Tsjechow. Een stuk dat zich ook daadwerkelijk in Rusland zou afspelen, rond 1900.

Ik heb, voor het eerst, de handdoek in de ring moeten gooien. Het lukte niet. Het ging niet. Ik kreeg met geen mogelijkheid 'Rusland toen', gelinkt aan 'Nederland nu.'
Afschuwelijke beslissing om ermee op te houden. Voelt als verlies. Maar Ronald Klamer, de artistiek leider van Het Toneel Speelt zei tot mijn opluchting: "Als je er nu niet zelf mee gekomen was, dan had ik het je voorgesteld. Het werkt niet".

Dus nu wordt het wat anders. Wat dan ? Ik dacht: "WAT WIL IK ! WAT WIL IK VERTELLEN !" Wat wil ik vertellen over hier en nu? Nou, dat antwoord was snel gegeven. Ik wil iets vertellen over de ontmoeting tussen de Arabische en de Europese cultuur.

Dat verhaal heb ik al een keer geschreven. Dat was de speelfilm Oud Geld in Egypte, ook wel Ver Van Huis genoemd. Maar omdat het Filmfonds er geen gat in zag is die film nooit gemaakt.

Maar dat verhaal is er dus. Het verhaal van een meisje, uit het Gooi, dat na een wereldreis thuiskomt met een Arabische vriend. Wat er dan gebeurt, dat wil ik vertellen. Dat wordt dus het uitgangspunt voor het nieuwe toneelstuk. Niet zoals in de film, zich afspelend in Egypte, maar in Nederland, ergens bij Naarden, of zoiets.

Ik kan me er erg op verheugen om met Arabische ogen naar Nederland te kijken. Ik kan me ook verheugen op Arabische rituelen op het toneel. Een overgave aan iets irrationeels dat tot een diep mystiek geluksgevoel kan leiden. Kennen wij niet. Spannend om in de onderzoeksfase met mensen te gaan praten die te maken hebben met de twee culturen, door middel van een huwelijk, bijvoorbeeld.

En als dat stuk af is, dan ben ik met Marcel SMOEDER aan het spelen, en dan is het jaar voorbij. Dan is het 2005. Dan doe ik een jaar niks. Tenminste, niet iets met een deadline. Dan ga ik schrijven aan de dingen die nu in de kast liggen. Een gezelledy, met Peter Romer, Frank Ketelaar en Peter Blok. En VREEMD VLEES afmaken, het scenario van Johan Timmers en Wil van der Meer.

En isterverdersnogietsaandehand ?

Ja. Peter Blok en ik hebben in Londen een heel erg leuk gesprek gehad met David Liddiment, de producer van The Old Vic en met Kevin Spacey, de artistiek leider van The Old Vic. Het ging over van alles, maar vooral ook over Cloaca. Cloaca is vertaald en men vindt het interessant. Ik zou 1 april horen of ze het op het repertoire nemen of niet. Dat is nog niet gebeurd.

Maar ik verwacht deze maand toch echt wel een antwoord. Zo snel ik iets weet, dan zet ik het op de site. Dat heeft als voordeel dat je het verhaal geen tien keer hoeft te vertellen.

Maria Goos